Zo’n dag

2015-09-12 09.28.46

Het is druilerig, beetje regen, beetje zon, beetje niksig, beetje chagrijnig. Het is een zondag. Sinds ik me kan herinneren heb ik niet de beste relatie met deze dag. Als klein meisje mocht ik op zondag vaak niet de dingen doen die ik wilde. Ik moest typische zondagdingen die je op andere dagen echt niet hoefde. Naar de verjaardag van tante Truus. Lekker drie kwartier in de auto zitten, wagenziek zijn en kotsen in een plastic tas van de AH. Daarna moest ik dan, met nog verse kotssmaak in m’n mond, een slagroomtaartje eten met plasticerig vruchtje erop, of ik moest mee gaan wandelen in een bos. Verjaardagen van tantes en wandelen in bossen doen mensen echt zelden op zaterdag of woensdag. Het is gereserveerd voor zondag. Als ik denk aan zondag zie ik mezelf op de grond zitten in een specifiek huis uit mijn jeugd, sip kijkend hoe de regen tegen de schuifpui slaat, zonder vriendinnetjes, want die moesten ook zondagdingen doen.

Intens gelukkig was ik met de komst van de koopzondag. Iedereen z’n huis uit, zaterdagdingen doen op zondag en drukte om je heen in plaats van regenachtige schuifpuien, hoezee! Ongetwijfeld bedacht door iemand die ook vroeger moest wandelen in een bos en hoopte dit rotgevoel te kunnen bezweren met materialisme; een goede broeder als je het mij vraagt. Vandaag ademt de zondag echter chagrijn. Koopdag biedt weinig uitkomst als je geld op is omdat je zaterdag al schoenen, shirts en driehonderd bitterballen met wijn hebt gekocht. De zondag is vandaag extra moeilijk want het weer is van slag. En het kan aan mij liggen, maar ik heb het idee dat het weer op zondag vaak van slag is.

Het weer maakt geen keuze vandaag en daar kan ik dus niet mee omgaan. Het ene moment is het op-de-bank-met-dekentje-en-pepernoten-en-thee-weer en heb ik me braaf zoals het weer dicteert in joggingbroek verschanst op de bank. Een half uur later prikt de zon in de ogen en schreeuwt het me toe ga-naar-buiten-trut-want-het-is-een-bierdrink-en-terras-dag. Twee uur verder en het is het grijs en bewolkt boswandelweer waardoor ik weer terug naar bed te gaan.

‘Hoe kan ik nu plannen maken op deze toch al stomste dag van de week?!’ Als ik er net vrede mee heb dat ik binnen ga cocoonen en ik me dus mentaal in winterland waan, krijg ik bij die blauwe lucht kort daarna opeens een zomerse stemming en lijkt het plots te krioelen buiten van blije mensen die ‘erop uit gaan’. Dat is toch niet goed voor een mens, ik wil één stemming en één plan. De boyfriend kijkt me geamuseerd en tegelijk bezorgd aan en snapt natuurlijk geen reet van dit dubbele probleem van fenomeen ‘zondagse chagrijn’ en fenomeen ‘schizofreen weer’. Want het is een man en mannen zien het ook niet als je jezelf naakt in de paarse verf hebt gedoopt en al druppelend door het huis jakkert en dus valt het ze ook niet zo op als de zon wel of niet schijnt, als je maar geen verf druppelt op de krant.

Ik daarentegen word met het vorderen van een standaard zondag in de loop van de dag al een beetje kattiger maar ik voel me vandaag net zo bipolair als de hoge en lage drukgebieden die over Zuid-Holland razen. Jarenlang was ik in de veronderstelling dat ik gewoon een naar gevoel aan de zondag had overgehouden door al die wagenzieke ritjes naar bossen en dat ik bovendien de enige ben met dit firstworldproblem. Ik moet vooral niet zo gek doen, want ik ben immers vrij en dat is leuk, dus ik moet m’n moment pakken en zelf de slingers ophangen, elke dag is een feestje, enzovoorts.

Nadat ik me tegen het weer en de stemming van het moment in naar een verjaardag heb begeven komt er een andere ziel naast me hangen tegen de muur. We lurken beiden aan een biertje en zuchten veel. Ze kijkt treurig en ook boos naar buiten en verzucht dan ‘ik haat zondag. En dit weer hé, hoe is het?! Jas aan, jas uit, dit seizoen is een hel’.

DANKJEWEL!

IK BEN NIET GEK.
Als zondag zou verwijzen naar
zon-dag praten we nergens meer over. Voor mij is het voorlopig zo’n-dag.