Oude liefde roest niet


Je kunt natuurlijk heel zuur doen van alle gemiste wedstrijdkansen nu corona de pan(demie) uit vliegt, en betreuren dat je nu ‘voor niks’ hebt getraind, maar met die talloze nieuwsberichten, stijgende dodentallen, tv-spotjes vanuit de frontlinie en gemis aan knuffels van vriendinnen & familie kan het niet anders of dat hardloopzuur verandert in iets anders. Gelukkig niet in bitter, maar in zoet. 


In een tijd waarin mijn jonge handen eruit zien als die van een 80-jarige, ogen prikken van de schrikbarende schermtijd per dag en ik van gekheid niet meer weet met wélk buurtinitiatief ik mijn locals nu weer moet supporten ben ik nóg meer verliefd op hardlopen dan ik ooit was.


Het is als kijken naar je liefje op een verjaardag en hem zien vanuit andere hoek, met zijn knappe broek, goeie lach en zijn geïnteresseerde zelf, en je weer even glimt van trots: die is van mij.


Het is als dat mierzoete liedje dat zo cheasy is dat je je er eigenlijk voor schaamt, maar die je zo’n blij gevoel geeft dat je er van gaat dansen in je onderbroek.


Het is als fietsen door de stromende regen, nat tot op je sokken, en weten dat er thuis een warm bad en dampende kop soep op je wacht.


Het is als een ijskoude duik op vakantie, na lang wandelen in de zon of brandend in je tent, door de kou heen maar daarna opgekikkerd, energiek en de zintuigen op scherp.


Dat gevoel.

In een tijd waarin we huid op huid missen, bij huisgenoten op de lip zitten en we winkelmandjes ontsmetten als ware we allemaal OCD-patiënten voel ik vlinderige verliefdheid op de trage duurlopen, snelle tempo’s en gierende intervallen.


Het is als thuiskomen in je ouderlijk huis, meteen je weg vindend naar de snoeppot en de fleecetrui waarin je je altijd behaaglijk terugtrekt.


Het is als de vertrouwde geur van boenwas, dat bepaalde parfum, een oud boek, dat zakje lavendel tussen je kleding die je terugvoeren naar die ene vakantie, dat ene huis, die ene persoon.


Het is als je joggingbroek en slobbersokken, die specifieke gestreepte, die het lekkerst zitten en daarin love actually kijken, die altijdgoedfilm.


Het is als je favoriete buurtkroeg waar je wordt begroet als bekende, praatje pot, biertje van het huis en altijd ontspannen, op je gemak, het menu uit je hoofd kennend


In tijden waarin alles anders is, waar Corona bang maakt, waar we uit goede zorg voor medemens juíst met een boog om elkaar heenlopen, is er gelukkig nog de frisse lentegeur bij het krieken van de dag, vermengd met die van de Rotterdamse Maas, het vliegen op Nike Infinity Flyknits door de oneindig lege straten en parken van 010, vertrouwend op sterke poten, eindelijk goed doorbloede achillespees, stijve (maar niet té) hamstrings, met trouwe Garmin Forerunner, lage hartslag bij hoge tempo’s, vogels kijkend of vaartspelen spelend, met op de kop de podcasts van immer positieve Susan Krumins, brommende commentaren van De Pacer of inzichten van Looppraat. Rennend met onzichtbare linealen tussen medeliefhebbers, kunnen de vertrouwde rondjes voorlopig nog gehold. En ik ben erop.