Kauwgom

Een gebroken hart suggereert symmetrie

Recht doormidden, met zo’n kartellijntje

Twee helften, het leed keurig verdeeld

En nu maar wenen

Maar mijn hart roept maar wat

Geen peil is er op te trekken

‘Kies mij’

‘Val dood’

‘Ik ga je zo missen’

De symmetrie is ver te zoeken


Nee, mijn hart voelt eerder uitgekauwd

Dan gebroken

Als een kauwgompje waar de smaak uit is

Of vertrapt als een hondendrol

En dan zo uitgesmeerd over de stoep

Restjes hart tussen je schoenzool uitpulkend

Met een stokje dat je vindt op straat


Soms ineens weer in oude vaste vorm

Vol vuur, brandend in borstkas

Wat nou breuklijnen en kauwgompjes

Ik zal eens wat laten horen!

Het roept en scandeert

(En schreeuwt als een maniak)

Hoe mooi het had kunnen zijn

Dat je een enorme lafbek bent

Een grote gek

Een lieve, maar wel een gek

Vanaf de barricaden gonzen de leuzen

Hoe kun je?

Hoe durf je?

Hoe liet je dit gebeuren?

Schrale troost, deze zinnen

Door minstens nog één ander hart gevoeld


Wat zou ik graag iets zeggen als

‘Ik heb mijn buik vol van de liefde’

Genadeloos er mee afrekenen

Nog maar een kat nemen

Een vriendin misschien

in plaats van een vriend

Maar hij zit nog vol met vlinders

Voor jou

Jij die me grootse woorden gaf

Dat het zo bijzonder was

Ik een grote liefde

Jij nog nooit bij iemand zó


Hardnekkig fladderend

Vlinderen ze lieve dingen tegen me:

Je was niet naïef

Je gaf duizend kansen

Je hart wagenwijd

Je had zo’n durf

Je verdient geen twijfel

Het was (nee, ís) ook groots

Dat roepen ze

Of hoe vlinders ook communiceren


Klein vraagje wel

Wanneer worden vlinders moe?